
In de winterstop de promovendus komen versterken en behouden voor degradatie, dat is wat er nu gevraagd wordt van de nieuwe aanwinsten. In het seizoen 2005-2006 hadden we ook zo’n speler nodig en die kreeg Heracles binnen in de vorm van Stefaan Tanghe. „Voor elke promovendus is het moeilijk om te handhaven”
De in Kortrijk geboren middenvelder begon zijn carrière bij de club uit zijn geboortestad. Na een transfer naar Excelsior Moeskroen, vertrok Tanghe in de zomer 2000 voor een bedrag van 1 miljoen gulden naar FC Utrecht. In de Domstad groeide de sympathieke Belg uit tot aanvoerder en publiekslieveling in een periode waarin Utrecht tweemaal de KNVB beker en één keer de Johan Cruijff-schaal. Waarom vertrekt iemand met zo’n statuur naar een struggelende promovendus?
„Mijn basisplaats was ik van de ene op de andere dag kwijt. Ik hoorde in de wandelgangen dat er ook financiële problemen waren bij de club, waardoor de spelers met dure contracten weg mochten”, geeft Tanghe „Door de teleurstellende manier hoe dat ging, besloot ik dat ik toe was aan een nieuwe uitdaging. Toen onze teamgenoot David Di Tommaso overleed was het voor mij duidelijk dat ik Utrecht achter mij moest laten om mijn zinnen te verzetten.”
Leuke bende
De verandering was wel even wennen voor Tanghe. „Bij Utrecht voetbalden we om Europees voetbal, in Almelo was het alle hens aan dek om degradatie te vermijden. Maar bij beide ploegen was er wel dezelfde druk om te winnen.” Die druk lag op de schouders van een aantal ervaren mannen, waaronder de toen 33-jarige Tanghe. „Met Rob Maas had ik direct een goede klik, met hem zat ik een paar keer per week in het Theaterhotel.”
„Maar ook met Peter Reekers en Jan Wuytens had ik goede contacten. Het was een leuke bende die alles samen deed.” Het groepsgevoel zat goed, wat mede door de technische staf van toen kwam. „Toen ik nog bij Kortrijk speelde, was Hendrie Krüzen mijn idool. En met Peter Bosz had ik de beste trainer uit mijn carrière", vertelt de Belg trots. Heracles handhaafde zich, mede door vier doelpunten van Tanghe, met een knappe 13e plaats.

Niet bijgebleven
„Je kan je voorstellen dat de opluchting groot was en dat er een serieus feestje gevierd werd.” Jan Smit was in de wolken en gaf de selectie een extra cadeau. „Hij trakteerde ons op een reisje naar Curaçao, omdat we ons wisten te handhaven. Dus het feest werd op reis nog fijntjes doorgezet. Dat waren onvergetelijke momenten!” Het feit dat Heracles zich nog wist te kwalificeren voor de play-offs van de InterToto-cup (over twee wedstrijden werd er verloren van NEC met 4-3) is daardoor niet bijgebleven bij hem. „Dat kan ik me niet meer herinneren. Was ik daar bij?”
Het seizoen daarop stelden ploegen zich anders in op Heracles, merkte ook Tanghe. „De tegenstanders waren op ons ingesteld en wisten precies wat ze moesten doen om ons uit ons fanatieke spel te krijgen. Maar we wisten dat dat ging gebeuren, dus gelukkig konden wij ons ook dat seizoen handhaven.” Dat was ook het laatste seizoen voor de Belg die terugging naar zijn thuisland om voor Roeselare te spelen.
Te braaf
„Ik was toen 35 jaar en kreeg de kans om nog drie jaar op het hoogste niveau van België te spelen met mijn beste vriend Yves Vanderhaeghe. En mijn zoon Juul had de leeftijd dat het ons fijner leek om in België naar school te gaan.” In 2010 hield Stefaan het voor gezien bij Roeselare, althans als speler. „Na mijn spelerscarriere ben ik als sportief raadgever begonnen bij de club.” Daarna ging Tanghe als scout aan de slag voor Kortrijk en FC Utrecht. „Ik heb ook een UEFA-A diploma gehaald, maar ik had al snel door dat een trainersfunctie niks voor mij was. Ik ben daar te braaf en te eerlijk voor.”
Inmiddels heeft hij een bestuursfunctie bij de provinciale voetbalclub waar in de transfers voor regelt. „En ik werk alweer tien jaar als vertegenwoordiger bij Donko’s Koffie, een ambachtelijke koffiebranderij uit Roeselare. Dat voetbalwereldje heb ik geen zin meer in, dat is toch iets speciaals.”
Herinneringen
Op de vraag of hij nog contact heeft met mensen uit zijn periode bij Heracles moet hij helaas zeggen van niet. „Op social media volg ik nog wel de trainers en spelers, maar contact heb ik spijtig genoeg weinig. Ik zal proberen toch nog eens langs te komen voor een wedstrijd en om de herinneringen op te halen.” Al wil hij dan wel op een bepaalde plek blijven overnachten. „Het Theatherhotel, daar waren we dankzij gastvrouw Esther Hamminck altijd zo welkom als spelers.”
Als laatste heeft Stefaan nog een boodschap voor de supporters van Heracles. „Voor iedere promovendus is het moeilijk zich te handhaven, maar gelukkig heeft Heracles daar ervaring mee en weten ze wel wat nodig is om dit te laten lukken.” Een aspect dat de club nodig heeft in die missie, is volgens Tanghe de achterban. „Heracles heeft altijd nog de fantastische en fanatieke aanhang. Die wil ik nog altijd bedanken voor de fantastische steun die wij toen in die periode hebben gekregen.”
Discussieer mee
🔐 Reageren met account
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.
Maak een account aan of log in →